onsdag 29. mai 2013

Klussen in Noorwegen

Afgelopen woensdag hebben we het koopcontract voor ons huis ondertekend. Nu is het aftellen totdat we a.s. vrijdag de sleutel krijgen. We kunnen haast niet wachten!

De afgelopen weken hebben we ons georiënteerd op het gebied van bouwzaken en doe-het-zelven. Klussen in Noorwegen is niet zo'n vanzelfsprekendheid als in Nederland. We signaliseren nogal wat cultuurverschillen en zo af en toe is het een regelrechte cultuurshock! De verschillen zitten 'm niet alleen in de materialen en het toepassen van die materialen, maar ook in de wet- en regelgeving, en de manier waarop de Noren gewend zijn om tegen dingen aan te kijken.

We leren nieuwe Noorse woorden. Een "blandebatterie" (letterlijk vertaald: mengbatterij) blijkt een mengkraan te zijn. Een "dørvrider" (letterlijk vertaald: deurdraaier) is een deurklink. Met "husvask" wordt niet de jaarlijkse voorjaarsschoonmaak bedoeld, maar het goed reinigen van de buitenkant van je houten huis voordat je het opnieuw gaat verven.

Het doe-het-zelven in Noorwegen is flink in opmars. Op de commerciële tv is het programma Sinnasnekker'n ("De boze klusser") een kijkcijferhit. Het is de Noorse variant van het Nederlandse tv-programma "Help, mijn man is klusser". Onder begeleiding van opperklusser Otto worden families geholpen die in een bouwval leven. Uiteraard wordt ook in het Noorse programma uitgebreid aandacht besteedt aan de familierelaties en de psyche van de hobbyklusser. Het grootste vermaak is immers leedvermaak.

Er komen steeds meer Noorse bouwmarkten bij en hun assortiment wordt voortdurend uitgebreid. Toch heeft een gemiddelde Noorse bouwmarkt slechts een fractie van wat er in Nederland bij een doorsnee Gamma, Praxis of Karwei te koop is. De hoge invoerrechten zijn hier mede debet aan. In Nederland ben je bijvoorbeeld gewend om te kunnen kiezen uit rekken vol met deurklinken. Ze zijn er in allerlei soorten en stijlen en van verschillende producenten in uiteenlopende prijsklassen. In Noorwegen is er in de meeste bouwzaken maar een merk verkrijgbaar (het Noorse merk Habo) waarvan er, als je geluk hebt, drie verschillende deurklinken in het schap liggen: basic, modern en klassiek.

In bepaalde opzichten maakt het beperkte warenassortiment de keuze makkelijk, maar bij ons lopen regelmatig de koude rillingen over de rug. Alleen al om inspiratie op te doen zou je immers wel eens wat anders willen zien. Wat zijn wij toch werelds in vergelijking met dit semi-Oostblokland. De beperkte handel en invloeden van buitenaf kunnen misschien mede verklaren waarom de gemiddelde Noor zo weinig gewend is. Als het gaat om mensen die nooit wat anders hebben gezien en meegemaakt, en hun ouders evenmin, dan wordt de houding van "Wat de boer niet kent, dat eet 'ie niet" wel begrijpelijker, maar voor ons niet minder makkelijk om aan te wennen.

Ook op het gebied van de wet- en regelgeving zijn er verschillen tussen Nederland en Noorwegen. De bemoeienis van Vadertje Staat gaat hier een stuk verder dan we vanuit Nederland gewend zijn. Toch worden ook wel eens hervormingen doorgevoerd. Zo is het vanaf 1 januari 2012 niet meer nodig om een bouwvergunning aan te vragen bij de gemeente voor het opknappen van je badkamer. Achtergrond hiervoor was een nieuwe regel van 1 juli 2010 die bepaalde dat er een bouwvergunning nodig was om in je badkamer te klussen. Dit leidde tot een enorme stroom van aanvragen om bouwvergunningen en scherpe kritiek op het onnodig zware bureaucratische proces. De Noorse overheid was daarom genoodzaakt om de regels te veranderen en het aanvragen van de bouwvergunning te laten vervallen. Nu hoeft er geen bouwvergunning te worden aangevraagd, zolang het gaat om een badkamer in een bestaand huis (dus geen nieuwbouw), de badkamer minder is dan 50 m2 en er bij het klussen geen brandmuur doorbroken wordt of de vloer, de muren en het dak van de buren in het geding is.

Wat de culturele achtergrond is van de wet- en regelgeving is niet zo eenvoudig te duiden. Aanvankelijk was ik geneigd om te denken dat het om veiligheid ging, zeker omdat de meest strenge regelgeving betrekking heeft op elektriciteit. Dat is niet vreemd in een land waarin zoveel huizen van hout gebouwd zijn. Fouten in de elektriciteit of elektrische storingen zijn een van de meest veelvoorkomende oorzaken van woningbranden in Noorwegen. Elk jaar komen er zo'n 40 mensen om bij woningbranden in Noorwegen. In Nederland gaat het om hetzelfde aantal, terwijl er ruim drie keer zoveel mensen wonen in Nederland! Het is in Noorwegen verplicht om in elke woning een rookmelder te hebben, maar de "Røykvarselens dag" (de dag van de rookmelder) op 1 december van elk jaar, steekt maar schamel af bij de Brandpreventieweken die elk jaar in oktober in Nederland worden georganiseerd. Laat staat dat de Noorse bouwmarkten hier handig op in spelen met kortingen op rookmelders en andere brandpreventie-artikelen.

Een andere achtergrond van de wet- en regelgeving en daarmee de Noorse kluscultuur is het beschermen van de eigen markt (door de hoge invoerrechten worden handelsbarrières opgeworpen) en het beschermen van vakmensen. In Noorwegen staan "fagfolk" (vakmensen) zeer hoog aangeschreven. De eisen voor de "fagbrev" (vakdiploma) zijn streng en de vakbonden staan permanent op de bres om te zorgen voor goede loon- en arbeidsvoorwaarden voor de vakmensen. Door zelf in de weer te gaan met schilderen, timmeren, elektriciteit en loodgieterswerk stoot je het brood uit de mond van de vakmensen en verziek je hun markt. Tja, daar valt inderdaad wat voor te zeggen. Aan de andere kant is het natuurlijk onmogelijk om voor elk wissewasje een vakman te laten komen of complete verbouwingen door een heel team van dure vakmensen te laten uitvoeren.

Bovenstaande leidt tot een tweeslachtige houding ten aanzien van het klussen in de media. TV, tijdschriften en internetsites, willen graag aanmoedigen tot klussen in huis en tuin, maar willen tegelijkertijd niet de vakmensen voor hun hoofd stoten. Dit leidt tot het aanpraten van een soort "angstcultuur", zoals tot uitdrukking komt in frases als: "de 10 grootste valkuilen bij het renoveren van je badkamer", of bij het vervangen van een lichtschakelaar: "Dit mag je volgens de wet zelf doen, maar uit oogpunt van veiligheid kun je beter een vakman inhuren". Klussen is een kwestie van durven en zelf verantwoordelijkheid nemen voor hetgeen je gedaan hebt. Je zult er door leren, soms je neus stoten, maar ook ervan kunnen genieten als het lukt en tot een mooi resultaat heeft geleidt. Wij gaan de uitdaging graag aan!

søndag 26. mai 2013

Feestdagen met Anny en zon

Vorige week hadden we een lang weekend vrij. Vrijdag 17de mei was de nationale feestdag van Noorwegen en de maandag erop was 2de pinksterdag. Anny, de moeder van Marco, kwam bij ons op bezoek. Ondanks alle slechte weersvoorspellingen werd het een prachtig weekend met veel zon en meer dan 20 graden Celsius op zaterdag en zondag.

Anny kwam op donderdagavond aan op het vliegveld Torp bij Sandefjord. Marco heeft haar opgehaald, terwijl ik in Skien boodschappen deed. We kwamen ongeveer tegelijkertijd thuis. Voor Anny was het ruim een jaar geleden dat ze voor het laatst bij ons was, omdat ze haar voet gebroken had en het herstel veel langer duurde dan verwacht.

Op vrijdagochtend zijn we naar de 17de mei viering in Ulefoss centrum gegaan. Ulefoss centrum wordt binnenkort onze woonkern, en we wilden wel eens zien hoe de 17de mei viering er daar aan toegaat. Bovendien wilden we Anny laten zien hoe een 17de mei viering er uit ziet. We keken naar de optocht, een bonte stoet met voorop de vaandeldragers, en vervolgens het muziekcorps, de kinderen en hun ouders van de barnehager (kinderopvang), de basisschoolleerlingen, de leerlingen van de ungdomsskole (onderbouw voortgezet onderwijs) en een aantal verenigingen en vrijwillige organisaties. Velen droegen bunad (klederdracht), maar er waren er ook veel in een nette jurk of pak, of andere feestelijke kleding. Door Anny werd de optocht treffend beschreven als "georganiseerde chaos".

Nadat de optocht drie keer voorbij was gemarcheerd door het centrum, liepen we naar de sporthal en de sportvelden. Buiten waren allerlei spelletjes georganiseerd voor kinderen. Binnen was er een programma met muziekoptredens en speeches. Ook waren er allerlei standjes met het traditionele Noorse feesteten: worstjes, wafels, ijs, taart, lapskous (stoofpot) en grøt (pap). We kozen ieder een lekker stuk taart uit. Daarna zijn we in de auto gestapt en langs ons toekomstige huis gereden, zodat Anny het van de buitenkant kon bekijken. 's Avonds hebben we een wandeling gemaakt bij Tveitan en deden we gezelschapsspelletjes.

Zaterdag hebben we een autotocht gemaakt naar Risør, een kustplaatsje ten westen van Kragerø. Het was een stralende dag, eigenlijk te warm om in de auto te zitten. Net voor we Risør binnenreden hebben we een korte stop gemaakt bij de keramiekwerplaats Acanthus. In Risør parkeerden we de auto en gingen te voet verder naar het centrum. In een restaurant aan het water aten we een broodje, en vervolgens kuierden we door het centrum met zijn gezellige winkeltjes. Risør is heel wijds opgezet, hetgeen toch een heel andere sfeer geeft, in onze ogen minder gezellig, dan Kragerø, waar de straatjes dicht op elkaar geplakt zijn.

Zondag was wederom een mooie dag met veel zon. Het beloofde weer warm te worden. Na een laat en lui ontbijt zijn Marco en Anny op de motor geklommen. Ik ging er in de auto achteraan. Voor Anny was het een bekend gevoel. Ze rijdt zelf ook motor in Nederland, een BMW net als Marco! We reden eerst naar Nevlunghavn waar we bij de bakkerij een lekker broodje aten.* Vervolgens maakten we een wandeling langs het strand. Daarna maakten we een mooie motor/autotocht naar Stavern, een charmant kustplaatsje, met gezellige straatjes, een rommelmarktje, terrasjes en winkeltjes. Ondanks dat het zomerseizoen nog niet begonnen was, was het er al druk. Thuis maakten we 's avonds weer een wandeling bij Tveitan.

Maandagochtend bakten we gezamenlijk een appeltaart. Anny schilde de appels en sneed ze in stukjes. Marco kraakte walnoten en hakte ze fijn. Ik maakte het deeg. Het werd een bijzonder lekkere taart. 's Middags op het vliegveld namen we nog een punt en toen was het al weer tijd om afscheid te nemen. Voor Anny was het de laatste keer dat ze in ons huis aan de Hjelsethvegen was. We hebben veel met elkaar kunnen praten, vooral over ons nieuwe huis en de plannen die we hebben om het op te knappen. Het zal voor Anny veel leuker zijn om op bezoek te komen in ons huis in Ulefoss centrum. Ze kan dan op eigen gelegenheid naar het dorp lopen of een wandeling maken in de omgeving. Waar we nu wonen, heb je eigenlijk altijd een auto nodig om ergens te komen. In ons nieuwe huis hebben we alvast een logeerkamer voor Anny (en andere gasten) gereserveerd.

* Zie mijn blog: 43ste Verjaardag aan het strand met on-Noorse taart.

søndag 12. mai 2013

De overwinteraars zijn teruggekeerd

Een zwaluw maakt nog geen zomer, maar een heleboel zwaluwen zijn wel een voorbode daarvan. Van de week zaten ze opeens weer op de kabels van de telefoonpaal voor ons huis. Hun karakteristieke vorm was onmiskenbaar: zwaluwen! Ze hebben overwintert in Afrika en hebben duizenden kilometers gevlogen om bij ons in Zuid-Noorwegen te broeden. De mestvaalt op de boerderij is een onuitputtelijke voedselbron voor ze. Hier is geen tekort aan vliegen deze zomer.

Op de akkers scharrelen houtduiven (Noors: ringdue) die opvliegen als we langsrijden met de auto. De duiven zijn teruggekomen van hun overwinteringsplaatsen in Frankrijk, Spanje en Portugal. Ze bouwen hun nesten in de sparren. Het zijn gammele bouwwerken van twijgjes en takjes. Zouden de kapotte witte eierschalen die we vandaag op het bospad hebben gevonden van houtduiven zijn geweest?

In het grasveld voor ons huis lopen witte kwikstaartjes (Noors: linerle). Het zijn ranke, levendige vogeltjes die op de vochtige grasvelden druk in de weer zijn met het pikken naar insecten. Ze hebben overwintert in Afrika en zijn nu teruggekeerd om op het Noorse platteland bij boerderijen of andere bebouwing te "overzomeren".

Gisteren is er nog een overwinteraar teruggekomen: een kraanvogel (Noors: trane) die rond loopt te stappen in een zompige akker bij Tveitan. Eerst dachten we dat het om een ooievaar ging, maar de kraanvogel is groter en grijzer dan een ooievaar. Kraanvogels overwinteren in Spanje en Zuid-Frankrijk. In de zomer nestelen ze in moerasgebieden in Noorwegen en hun voedsel bestaat uit grote insecten, wormen en amfibieën.

Naast de vogels, keren er ook mensen terug van overwintering: Noorse pensionado's met een tweede woning in Spanje. Tot slot zijn er nog trekvogels van allerlei pluimage, toeristen, waarvan we er al weer een aantal gespot hebben. Hun aantal zal de komende maanden flink toenemen. Het wordt een drukke zomer!

søndag 5. mai 2013

Motortochtje naar Holte Gård

Nu de lente eindelijk begonnen is in Noorwegen, kunnen we er weer veel op uit trekken. Ook het motorseizoen is van start gegaan. In veel plaatsen vieren de motorclubs dat door een "vårmønstring" te organiseren, een motortref in de dorpskern waarbij de mooi opgepoetste en rijklaar gemaakte motoren uitgestald worden. In onze gemeente zijn er twee motorclubs, Lunde mc-klubb en Ulefoss mc-klubb, maar we zijn van geen van beide lid. Marco en ik hebben genoeg aan elkaars gezelschap en bovendien willen we flexibel zijn bij het bepalen wanneer en waar naar toe we een tocht willen maken. Marco had vorig weekend de motor rijklaar gemaakt en een proefrit gemaakt. Vandaag hebben we samen onze eerste motorrit van het seizoen gemaakt.

We maakten een rondtocht van 130 km vanaf ons huis via Ulefoss, Lunde, Drangedal, en via de rv 356 langs Kilebygda en Solum naar huis. Het was lekker zonnig, heerlijk motorweer. Het doel was om een stop te maken bij Holte Gård, een boerderij net buiten het centrum van Drangedal. Op Holte Gård worden eenden, ganzen en biologische kippen gehouden. In een enorme grote houten schuur is een boederijwinkel gevestigd, een winkeltje met handwerkproducten zoals zelfgemaakte kaarsen en kleding, en een cafeetje. Bij de boerderijwinkel zijn de producten van Holte Gård te koop, producten van andere locale boeren, en diverse biologische producten.

Tot onze grote verbazing hadden ze slavinken! Die hadden we nog niet eerder gezien in Noorwegen. De naam van de producent, Venema, verraadde al dat het geen toeval kon zijn. Het blijkt inderdaad om een Nederlander te gaan, die varkens houdt die vrij in- en uit kunnen lopen. Dat goede initiatief moesten we natuurlijk ondersteunen! Ook namen we een paar biologische kipfilets mee en varkenskoteletten van Løyte Gård die ook vrijlopende varkens houdt.

In het gezellige cafeetje dronken we een kopje thee en koffie (gratis). We konden de verleiding van de zelfgemaakte koekjes en de ostekake (kwarktaart) ter nauwernood weerstaan. Met het diepgevroren vlees en een pak biologische eieren in de topkoffer reden we door naar huis. Het was een goede start van het motorseizoen.

Obs. Jammergenoeg heb ik geen foto's gemaakt van onze motorrit. Ik zal de volgende keer beter mijn best doen!

Meer info: Holte Gård.