søndag 30. januar 2011

De Indycator van welbevinden

Anny, de moeder van Marco, voelde zich al een tijdje een beetje alleen. Ondanks haar vele vrijwilligerswerkzaamheden en sportclubjes miste ze toch iets om haar heen en in huis. Na lang wikken en wegen besloot ze om een hond te nemen. Het werd een Engelse Cocker Spaniel, genaamd Indy. Een rashond met stamboom en Martin Gaus diploma's. Twee maanden geleden heeft Anny de hond opgehaald. Wij volgden via Skype, e-mail en sms alles vol spanning mee. De eerste paar weken wist ze niet of ze er goed aan had gedaan. Ze had nog nooit eerder een hond gehad en ze was bang dat de hond haar in haar vrijheid zou beperken. Een hond moet immers een paar keer per dag uitgelaten worden en kan slechts een beperkt aantal uren alleen thuis blijven.

Wie had toen geweten hoe goed het zou gaan. Indy bleek een zeer welopgevoede hond te zijn die zich al snel aan Anny hechte. En Anny aan Indy. De twee zijn een vrijwel onafscheidelijk duo. Staat Anny op van de bank, staat Indy op van haar zitkussen. Loopt Anny naar de keuken, loopt Indy naar de keuken. Als een schaduw volgt ze Marco's moeder. Gaat Anny naar buiten om een boodschap te doen en mag Indy niet mee, dan loopt ze rusteloos door het huis. Zodra Anny door de tuinpoort naar binnen komt, zit Indy achter het raam van de bijkeuken zacht te janken. Groot is dan de vreugde als het baasje de deur open doet en haar trouwe viervoeter haar kan begroeten.

Indy's staartje gaat eigenlijk altijd heen en weer als ze loopt. Wij denken dat het een teken is van algemeen welbevinden. Maar is Marco's moeder in de buurt, dan kwispelt ze wel twee keer zo snel. Een echte Indycator dus!

søndag 23. januar 2011

Oost west, thuis best

We zijn weer thuis. Ruim een week zijn we in Nederland geweest. Al bij het wegrijden van ons huis naar de luchthaven Sandefjord moest ik me vermannen en opkomende tranen wegslikken. Reizen, ik hou er niet van. Het gedoe alleen al bij het voorbereiden van een reis: het afstemmen van de reisdata, het vergelijken van de prijzen van vliegtickets en het bestellen daarvan, het regelen van aanvullend vervoer van en naar de luchthaven, het inpakken van de reisbagage, het plannen van de koelkast (ik wil altijd zo min mogelijk voedsel weggooien, maar toch eten in huis hebben voor als we terugkomen), het zorgen dat alle kleding die mee moet voor de reis gewassen is, het legen van de afvalemmer vlak voor vertrek, enzovoorts. Alle voorbereidingen kosten veel tijd. Door het weg zijn van huis wordt je normale ritme doorbroken en na thuiskomst heb je weer het gedoe om in je ritme te komen: kleren wassen, de koelkast weer aanvullen, de reisbagage uitpakken en alles weer zijn plaats geven... Daar bovenop komt nog mijn bezorgdheid over het milieu: vliegen leidt tot een enorme CO2 uitstoot. Nee, mij maak je op zich niet blij met reizen.

We hebben het heel fijn gehad in Nederland. Bij beide moeders, die van Marco en mij, hebben we een paar dagen doorgebracht. Het was leuk en het voelde vertrouwd om bij hen te logeren. De laatste paar dagen van ons verblijf in Nederland stonden in het teken van mijn werk: het presenteren van de gemeente Nome op de Scandinaviëdag van Placement. De beurs heeft enorm veel bezoekers getrokken (circa 2 400) en ook voor onze stand en mijn presentatie was veel belangstelling. Ik hoop dat we vele mensen hebben kunnen enthousiasmeren om naar Nome te verhuizen. Met degenen die het registratieformulier hebben ingevuld ga ik graag de komende weken aan de slag.

Na afloop van de Scandinaviëdag was ik blij dat we weer naar huis konden. Naar ons eigen land, Noorwegen. Vanochtend vertrokken we met druilerig weer over de vijfbaans snelweg bij Utrecht/ Maarssen richting luchthaven. Op Schiphol was het zeer druk. Om 12.25 uur landde ons vliegtuig zoals gepland in Sandefjord. Op de enige bagageband die het vliegveld rijk is werd onze bagage na enkele minuten afgeleverd. De auto hadden we op slechts een paar minuten loopafstand geparkeerd. We rijden het witte wonderlandschap in: besneeuwde heuvels, boerderijen verspreid over het land en een strakblauwe lucht met een stralende zon. Onderweg zien we veel langlaufers en wandelaars.

Anderhalf uur later rijden we de onverharde weg in die naar ons huis leidt. Een paar honderd meter voor ons huis komt een andere auto ons tegemoet. De weg is zo smal dat we enkele tientallen meters in de achteruit moeten om elkaar te kunnen passeren. De bestuurder van de andere auto en wij lachen naar elkaar en steken bij wijze van groet de hand op. Zo gaat dat hier. En dan zijn we thuis. We steken meteen de houtkachel aan en een paar uur later staat er vers gebakken brood op het aanrecht. Borte bra, hjemme best.

Wat aten wij vandaag? Pasta met zalm en spinazie. Dit is een lekker snel klaar recept met ingrediënten die goed houdbaar zijn:
- volkoren pasta, bijvoorbeeld fusilli
- 2 zakjes diepvriesspinazie
- 2 zalmfilets (zonder huid) uit de vriezer
- een half pakje soja cuisine (zuivelvrije roomvervanger) van Alpro
- eventueel een uitje
- olijfolie of zonnebloemolie
- peper
Kook de pasta. Snipper het uitje. Verhit een paar eetlepels olie en in een hapjespan en fruit het uitje. Voeg daarna de spinazie en de zalmfilets toe en laat dit ontdooien en garen. De zalmfilet zal uit elkaar vallen, waardoor zalm en spinazie makkelijk door elkaar te roeren zijn. Voeg ongeveer 5 minuten voor het verstrijken van de kooktijd van de pasta, de soja cuisine toe aan het spinazie-zalmmengsel. Breng op smaak met peper. Schep de pasta in diepe borden en daar bovenop de spinazie-zalm-roomsaus. Smullen maar!

fredag 14. januar 2011

Country muziek uit Nome

Country muziek, muziek geïnspireerd op Amerikaanse folkmuziek, is een populair muziekgenre op het platteland in Noorwegen. De Noren spreken het woord country overigens uit als køntri oftewel keuntri. Er zijn ook wel een aantal overeenkomsten tussen het Amerikaanse platteland en dat van Noorwegen: de uitgestrekte bossen, de blokhutten, het jagen op wild en het vissen in de wilde rivieren, hout hakken voor de houtkachel, de verheerlijking van eenvoudig leven zonder overdadige luxe, het verlangen naar afzondering en de drang naar vrijheid. Net als bij de Amerikaanse country muziek zijn in Noorwegen de instrumenten gitaar, banjo, mandoline en mondharmonica favouriet.

Bernt Solvoll, country muzikant uit Nome, heeft net een nieuwe CD uitgebracht: het album Alive met 10 nummers op het grensvlak van rock en country. Het geluid is vol en rond. De zang is helder en duidelijk. Bernt is in de gelukkige omstandigheden dat hij al zijn tijd aan zijn muziek kan besteden. Hij heeft dan ook al heel wat mooie nummers op zijn naam staan, vaak tot stand gekomen in samenwerking met zijn zoon en gitarist Martin Solvoll. De natuur is een veel voorkomend thema in Bernts muziek. Zoals het nummer "In a world without you", over de helende werking van de natuur bij het verwerken van een verlies. Te beluisteren op YouTube: http://www.youtube.com/watch?v=y031DdGzdFU. In het nummer "Alone, beloved & alive" zingt Bernt over de behoefte om zich zo nu en dan terug te trekken in de natuur en de menselijke behoefte om iemand te hebben die je liefheeft. En om zo nu en dan te voelen dat je leeft, om het bloed door je aderen te voelen stromen. Te beluisteren op YouTube: http://www.youtube.com/watch?v=3PNEhxBj6zQ.

Bernts teksten zijn over het algemeen eenvoudig, maar doortastend. Zoals in het nummer "Walnut Grove" over het idyllische leven van de Amerikaanse televisieserie "Little House on the Prairie". Maar hij herinnerd ons ook aan de armoede van dat bestaan en het keiharde werken op de keuterboerderijen. Toch blijkt uit de meeste teksten van Bernt een gelukzalig bestaan. Want er is een groot verschil tussen de Verenigde Staten en Noorwegen: het leven in Noorwegen is veel minder ruw en hard. Hoe kan dat ook anders, in een van de rijkste landen op aarde. Hier is geen heftige discussie over de invoering van een basis ziektekostenverzekering voor de allerzwaksten. Hier is gewoon iedereen verzekerd, ongeacht het inkomen, door de staat.

Bernt heeft een eigen website: http://www.bernt-solvoll.com/. Een live optreden staat inmiddels hoog op mijn verlanglijstje.

søndag 9. januar 2011

Eindelijk sneeuw!

Vanaf begin november leefden we al in een witte wereld. Een dunne laag sneeuw bedekte de bodem. Door de extreem lage temperaturen in november en december viel er weinig sneeuw. Datgene wat uit de lucht kwam vallen, waren losse ijskristallen. Als je het samenkneep om er een sneeuwbal van te maken, viel het als los zand uit elkaar. Op een dag zat de lucht vol met twinkelende lichtjes: miniscule ijskristallen die oplichten in het zonlicht. Bevroren lucht. Maar afgelopen week zijn de temperaturen omhoog gegaan en heeft het lekker gesneeuwd. Inmiddels ligt er een dik pak sneeuw.

We hebben een heerlijk ontspannen weekend. Op vrijdagavond hadden we boodschappen gehaald, dus we hoefden er verder niet meer op uit om te winkelen. Op zaterdagochtend heeft Marco een weg door de sneeuw gebaand naar het vogelhuisje. Zodra er iets in het huisje ligt, meestal nog voordat we de terrasdeur weer gesloten hebben, vliegen de vogels al af en aan. Het is een fly-in restaurant voor vogels en vanaf de bank in de woonkamer kunnen we alles goed volgen. Net als de herten die vandaag regelmatig rond het huis lopen. Met hun hoefjes graven ze in de sneeuw naar appels en ander eetbaars. Een had zelfs een behoorlijk diep gat gegraven.


Zowel gisteren als vandaag hebben we heerlijke skitochten gemaakt. Wat een luxe: het is slechts vijf minuten rijden met de auto vanaf ons huis naar Helgen kirke. Daar parkeren we de auto en kunnen dan meteen de loipe op. Zaterdag was de eerste keer van het jaar dat we op de latten stonden en we maakten twee kleine rondjes van in totaal ongeveer zes kilometer. Vandaag hebben we een grotere ronde gemaakt van bijna zeven kilometer. Het is heerlijk om zo sportief bezig te zijn in de frisse buitenlucht en in de mooie natuur. Op beide dagen stonden er slechts een paar andere auto's op het parkeerterrein, maar onderweg zijn we helemaal niemand tegen gekomen. Na het skieën waren we snel weer thuis in ons eersteklas vakantiehuis. Meteen werden we door de grote ramen in de woonkamer getrakteerd op een nieuwe aflevering van hert-tv: het schouwspel van de herten in onze tuin blijft boeiend. Wat hebben we het toch ontzettend goed hier.

lørdag 8. januar 2011

De IKEA-gids en mijn verlangen naar ruimte en vrijheid

In 1978 opende de eerste IKEA-vestiging in Nederland zijn deuren: in Sliedrecht, de plaats waar ik opgroeide. Ik was acht jaar en herinner me nog goed dat we wel eens mensen aan de deur kregen die vroegen hoe ze bij IKEA moesten komen. We woonden er niet eens bij in de buurt. Wat IKEA was, wisten we thuis eigenlijk niet, totdat mijn tante en oom uit Wijk bij Duurstede een keer op visite kwamen. Ze waren voor hun bezoek aan ons bij IKEA geweest en verhaalden enthousiast over het Zweedse woonwarenhuis met de functioneel vormgegeven meubels, de ingerichte toonkamers, de lage prijzen, de machine die keer op keer het kussen van de stoel indrukte om te laten zien hoe het terugveerde, het zelfbedieningsmagazijn en de platte pakketten met meubels die je zelf in elkaar moest zetten.

Jaren later, tijdens mijn middelbare schooltijd, kon ik urenlang heerlijk wegdromen bij de IKEA-gids over hoe ik mijn huis later zou willen inrichten. Over hoe ik zou willen leven en over wat ik met mijn huis uit zou willen drukken, mijn persoonlijkheid. IKEA kwam van een andere wereld voor mij. De donkere, klassieke meubels in de woonkamer van mijn ouderlijk huis contrasteerden scherp met de lichte en moderne IKEA-meubels. Alles in de IKEA-gids leek lichter, vrolijker, en... ruimer. IKEA was niet alleen geestverruimend voor mij, maar leek ook letterlijk ruimtescheppend te zijn in huis. De makkelijk zelf in elkaar te zetten meubels, de vrolijke kleuren, de ongecompliceerde designs en handige opbergers (tijdschriftcassettes, opbergdoosjes, ladenkastjes, enzovoorts) leken letterlijk ruimte te scheppen. Leefruimte, ademhalingsruimte, vrijheid!

Weer jaren later, toen ik na mijn studie ging werken en me voor het eerst zelf meubels kon veroorloven, kon ik mijn IKEA-woondroom waarmaken: licht en ruimte in mijn huis, wat voelde ik mij rijk! Maar het gevoel duurde niet zo heel lang. De ruimte binnenshuis was niet genoeg voor mij. Ik wilde natuur om mij heen, maar die leek in Nederland steeds verder te zoeken. Lange wandeltochten in de weekenden langs strand en door bos en duin konden het verlangen om permanent in een omgeving te wonen met ongerepte natuur om mij heen, niet compenseren. Nederland werd benauwd. Dat voelde ik ook aan het gratis IKEA-familiemagazine, waar ik een abonnement op had. In het magazine stonden reportages van mensen die hun huis met IKEA-spullen hadden ingericht. Een Française en haar man die op 65 m2 leefden, een Engels gezin van vier die het op 100 m2 deed en een Japanse op 15 m2. In vrijwel elk artikel was het centrale thema hoe je op een relatief kleine ruimte toch nog zo goed mogelijk kon leven. Overleven was dat in mijn ogen. En zo voelde ik het zelf ook, ondanks mijn voor Nederlandse begrippen royale appartement en stadstuin. Totdat ik eindelijk mijn hart volgde en mijn verhuizing naar Noorwegen realiseerde.

Het is ruim twee jaar later. Een lange werkdag compenseer ik de dag erna door een paar uur eerder naar huis te gaan. Thuis ben ik te moe om iets zinnigs te doen. Mijn oog valt op de IKEA-gids. Zou ik oude tijden kunnen laten herleven en heerlijk even een uurtje kunnen wegdromen over hoe ik ons toekomstige droomhuis zou kunnen inrichten? Mijn vingers bladeren door de pagina's. Maar hoe verder ik kom in de IKEA-gids, des te meer ik teleurgesteld wordt. De woonkamers, slaapkamers, badkamers en keukens komen me allemaal zo benauwd voor, zo klein. Alle meubels staan zo dicht op elkaar. De kleuren zijn donker, de designs druk en verwarrend.

Misschien komt het doordat in Noorwegen zoveel ruimte in overvloed is. Ook de huizen zijn ruim. Misschien ben ik ook veranderd, maar de IKEA-gids, eens het lichtende voorbeeld voor mij van "een ander en vrijer leven", maakte mij benauwd. De IKEA-gids schreeuwt mij toe hoe ik meer ruimte kan maken. Dat is nodig als je in een hokje leeft in de randstad van een of ander overvol land. IKEA is immers een bedrijf dat keihard concurreert op de wereldmarkt, van Duitsland tot Hongkong en van de Verenigde Staten tot Rusland. Ruimte is blijkbaar een wereldwijd probleem. Maar de toonkamers in de IKEA-gids kunnen mij niet langer inspireren. Ze zijn niet langer een voorbeeld voor mij van hoe ik het zou willen. Ze zijn eerder een voorbeeld voor hoe ik het niet zou willen.

Misschien is het een samenloop van omstandigheden, die mij diezelfde dag nog eens even goed doet realiseren waarom we naar Noorwegen zijn verhuisd. Er woedt in Nederland bij Moerdijk een grote brand. De levens van tienduizenden mensen zijn in gevaar. De gevolgen voor het milieu kunnen desastreus zijn.  s' Avonds laat is er een documentaire op tv over Tokyo, de drukbevolkste plek op aarde. De woonappartementen zijn zo klein dat volwassenen, als ze kinderen hebben, voor hun intieme momenten een hotel moeten opzoeken. Thuis hebben ze gewoonweg geen plek om zich terug te trekken. Mensen betalen entreegeld om in een dierenwinkel een paar uur door te brengen met konijn en kat. Ze hebben de ruimte niet om zelf een huisdier te houden.

IKEA was voor mij een van mijn eerste kennismakingen met een Scandinavisch land: een land in het noorden van Europa met mooie, ongerepte natuur en een manier van leven die dichter bij de natuur staat. De IKEA-gids gaf mij, een meisje van de Sliedrechtse polders, onder de rook van Rotterdam, in een rijtjeshuis en een familie van zes, een glimp van een andere wereld: een wereld met meer licht en ruimte en een levensstijl in harmonie met de natuur. Dertig jaar later woon ik in Scandinavië, in Noorwegen, en is de buitenruimte om mij heen in dit uitgestrekte land mijn thuis geworden. Ik zal zeker nog vaak in een IKEA-winkel komen en wellicht ook bij IKEA meubels kopen. Maar de IKEA-gids met de ruimtebesprende tips en handige woonoplossingen voor kleine ruimtes heb ik niet meer nodig. Bedankt IKEA, dat je me geïnspireerd hebt en een eind op weg geholpen hebt, maar nu ga ik verder op mijn eigen weg. Zonder gids.

søndag 2. januar 2011

Schaatspret op het Norsjø

November 2010 was de koudste novembermaand sinds 30 jaar in Telemark. December 2010 was de op drie na koudste decembermaand in 100 jaar in Noorwegen. Sneeuw kwam slechts als losse ijskristallen uit de hemel vallen. Op 21 december lag het Norsjø dicht, veel vroeger dan normaal het geval is. Het ijs meet inmiddels overal minstens 15 centimeter. Daarmee hebben we een schaatsbaan van vele kilometers omtrek vlak voor ons huis.

Vandaag heeft onze buurman en huisbaas, samen met een andere buurman, het ijs getest en goed bevonden. Een stuk of 20 bewoners van Helgen (het buurtschap waar wij wonen) kwamen van het ijs genieten. Dat betekent op zijn Noors vuurtje stoken, worstjes grillen, schaatsen en met de trapslee sleeën. We hebben mooi van de gelegenheid gebruik kunnen maken om iedereen gelukkig nieuwjaar te wensen.

Marco werd meteen enthousiast om te schaatsen. Ondanks dat hij al vele jaren niet meer had geschaatst, kreeg hij al snel weer de slag te pakken. Het ijs was vlak en gaaf, en gaf geen krimp. De schaatsen kliefden makkelijk door het dunne laagje poedersneeuw op het ijs. Tussen mij en schaatsen heeft het nooit zo geboterd, dus heb ik gewandeld op het ijs en foto's gemaakt.

Vanaf de Hjelsethbrygge gingen we naar Odden en vandaar naar het eiland Munken, een tocht van ruim 3 kilometer heen en weer. Het was een hele speciale gewaarwording om midden op het meer te kunnen staan en naar alle kanten uit te kunnen kijken. Nu konden we ons huis ook vanaf het meer bekijken! Om 15.00 uur verdween de zon achter de heuvels. Vanaf het ijs steeg een enorme koude op. Gelukkig was de weg naar huis niet lang.