torsdag 30. september 2010

Elg in de tuin


Wat we vanavond gezien hebben, kan alleen in Noorwegen. Na het avondeten zitten we op de bank naar het journaal te kijken. Het is ongeveer 18.45 uur. Opeens merkt Marco op dat in het weiland in de verte een dier rondloopt: het is te groot voor een hert, en het is ook geen koe... het is een eland! Op zijn gemak loopt de eland richting de huizen, terwijl op het land ernaast de boer aardappels aan het rooien is. De eland loopt achter het huis van de boer, via de weg naar ons huis toe. Doelbewust loopt hij naar de grote hoop met appels in een hoekje van de tuin. Die appels zijn van de appelbomen gevallen en één keer in de week raap ik de appels op om het grasveld schoon te houden. Omdat ik ook niet precies weet wat we met al die appels moeten doen, stort ik ze maar op een hoop. We hadden al ervaren dat de herten er dol op zijn en die zien we dan ook regelmatig van de appels snoepen. Nu begint de eland appels te eten: bij elke hap verdwijnt er eentje in zijn grote bek, even kauwen en slik, weg is de appel. Meteen buigt de eland zich weer voorover en met zijn neus zoekt hij een ander lekker hapje uit. Dat er ondertussen een auto de weg afrijd maakt hem niets uit. Pas als de boer met zijn grote traktor en aanhangwagen met kisten aardappels aan komt rijden, loopt de koning van het bos rustig weg. Misschien op naar het volgende huis waar ook appelbomen in de tuin staan?

I kveld har vi fått besøk av en elg. Kanskje er det ikke så uvanlig for nordmenn, men for nederlendere er det ganske spesielt. Elgen spiste eplene som jeg hadde samlet på en stor haug i hagen. Vi visste allerede at rådyrene liker eplene veldig godt, men nå har vi også fått skogens konge til middag.

søndag 19. september 2010

Feel good sjaal en muts

's Nachts daalt de temperatuur naar 5 graden boven nul en de dagen worden korter. Overal staan paddestoelen en de blaadjes van de bomen verkleuren. Kortom, het is herfst in Noorwegen. Mijn borduurspullen heb ik weggeborgen, het kriebelt om te breien. Wol door mijn vingers laten glijden, de belofte van behagelijk breiwerk om mijn lijf terwijl het buiten almaar kouder wordt... Maar ik wil geen nieuwe wol kopen voordat ik iets zinnigs heb gedaan met de wol van vorig jaar. Het is lekkere dikke wol, gemêleerd met groen, oker, staalblauw en paars. Prachtig en in een opwelling gekocht: ik zou wel zien wat ik er van zou maken.

Na een zestal pogingen heb ik de wol eind vorige winter maar weggestopt. Wat ik ook probeerde, het lukte niet. Telkens was het niet wat ik ervan verwachte. Uren kon ik zitten breien, om het vervolgens in een aantal minuten weer uit te halen. Marco noemt de wol plagend "uithaalwol". Ik wist dat ik een barrière over moest. Daarom heb ik uiteindelijk gebruik gemaakt van een beproefd patroon. Het resultaat is helemaal naar mijn zin met die vrolijke reuze pompoen boven op de muts en de zwierige franjes aan de sjaal. Er is nog teveel wol over om het er nu maar bij te laten, maar de "feel good sjaal en muts" hebben me net genoeg moed gegeven om een nieuw breiproject aan te gaan met de overige wol. Wat dat is hoop ik in een volgend blog te kunnen presenteren...

Høsten har kommet i Norge og dermed behovet mitt for å strikke. Likevel vil jeg ikke kjøpe ny ull før jeg har brukt ullen som jeg kjøpte i fjor. Det er en fin, tykk ull i en blanding av ulike farger: grønn, oker, stålblå og lilla. Etter noen forsøker har jeg likevel stoppet å strikke med denne ullen på slutten av vinteren. Det lyktes bare ikke. Jeg har rekket det opp flere ganger. Jeg visste at jeg måtte bryte en barrière nå. Derfor har jeg brukt et anerkjent mønsteret. Resultatet er vellykka og jeg er kjempefornøyd med skjerfet og lua. Denne "feel good strikkinger" har gitt meg nettopp nok mot til å begynne med et nytt strikkeprosjekt med resten av ullen. Hva som dette er håper jeg å presentere i en neste blog...

onsdag 1. september 2010

Rozenbotteljam

Gisterenavond hebben we rozenbotteljam gemaakt. Vanuit het raam van de woonkamer zagen de rode bottels er zo verleidelijk uit dat ik het niet kon weerstaan om ze te plukken en er jam van te maken. Het was wel avontuurlijk. Ik had nog nooit eerder rozenbotteljam gemaakt. We wisten niet wat voor bottels het waren, maar op internet leerden we dat er geen giftige bottels zijn. De bottels waren behoorlijk hard. Zelfs na lang koken was er nog geen sprake van moes. Toen hebben we de staafmixer er op gezet en flink veel water erbij gedaan. Na het zeven hadden we precies een liter concentraat. Vervolgens een kilo geleisuiker erbij, maar dit bleek iets teveel van het goede zijn. Het resultaat is een mierzoete jam met een vleugje rozenbottelsmaak. Nou ja, alles moet de eerste keer zijn en dan is het misschien niet eens zo slecht uitgevallen. We hebben drie kleine weckpotten kunnen vullen. Alleen al voor de kleur is het een prachtig gezicht. We kunnen de jam op de boterham doen, door de kefir roeren of wellicht gebruiken als vulling voor een taart. Dat wordt zoet en zomers smullen in de donkere wintermaanden.

Matfestival

Afgelopen zaterdag hebben we het matfestival (eetfestival) in Skien bezocht. Net als vorig jaar was het schitterend weer. We waren redelijk vroeg aanwezig, rond 11.00 uur om de grote drukte voor te zijn. Het festival heeft maar liefst 50 000 bezoekers getrokken. De kern van het matfestival zijn de kraampjes van voedselproducenten en organisaties die met voedsel te maken hebben: kaasmakers, worstenmakers, ekologische groententelers, meelfabrieken, honingmakers, enzovoorts enzovoorts. Ook zijn er kraampjes waar lekkenijen uit alle werelddelen worden aangeboden: Sudan, Thailand, Zwitserland, Polen, noem maar op. Alle geuren en kleuren van al dat eten doen het water in je mond lopen.

Wij hebben een svele gegeten (een Noorse lekkernij, een kleine dikke pannekoek). Bij de stand van de DNT kozen we voor een dikke boterham met een visburger erop, bereid met ingrediënten van een aantal hutten die we tijdens onze trektocht over de Hardangervidda hadden bezocht. Die hebben we lekker opgesmikkeld liggend op het gras, luisterend naar de swingende muziek van een Afrikaanse band en kijkend naar de kleurrijke mensenmassa die aan ons voorbij trok. Om een uur of 14.00 uur was het echt knoertdruk, voor ons het teken om weer op te stappen. Het was fijn, het was heerlijk en het was lekker. Volgend jaar wellicht weer!